Ik had mij voorgenomen dit jaar nog eens een sportieve prestatie af
te leveren. Een maand of twee terug vond ik dan een tocht van 50 km
georganiseerd door de Padstappers Geraardsbergen. Het betreft een tocht
in lijn van het manneke pis Brussel naar het manneke pis van
Geraardsbergen. Dat laatste zou ouder zijn dan het eerste. Deze tocht
vindt maar om de vijf jaar plaats, dus het was een uitgelezen moment om
hieraan deel te nemen.

Zaterdag 31 maart was het dan
zover. De wekker ging al om vijf uur, want ik ging met de trein. Ik
kreeg het gezelschap van mede-Ibisser Klaas Van De Ven. De trein van
6u14 in Kapelle-op-den-Bos richting Kortrijk, afstappen in Dendermonde.
Vervolgens de trein naar Brussel-Noord, daar overstappen naar
Brussel-Centraal alwaar de tocht van start ging aan het Europakruispunt
vlakbij. Daar stond een tent ons op te wachten waar we ons konden
inschrijven. Er was ook bagagevervoer voorzien.

Uiteindelijk
konden we om 7u21 precies onze tocht aanvatten. Na enkele honderden
meters kwamen we reeds aan het eerste manneke pis toe, dat van Brussel
iets voorbij de Grote Markt. Daar waren we al wat onder de indruk van de
statige gebouwen waardoor we enkele meters verkeerd liepen. Via het
station Brussel-Zuid ging het dan vervolgens langs de vroegmarkt in de
Marollen die volop aan de gang was naar de eerste rustpost onder een
brug in Anderlecht. Het betrof het Pedepark na 8,1 km. Daar waren we
getuige van een uniek schouwspel. Een dakloze man van Afrikaanse afkomst
die onder invloed leek van alcohol en of andere drugs viel de groep
wandelaars die aanschoven voor de eerste drank en voedsel bedeling
lastig. Hij wou waarschijnlijk ook iets om te eten of te drinken? De
organisatie had dan de politie gebeld omdat hij niet wilde weggaan. De
politie arriveerde uiteindelijk met vier man en werkte de man hardhandig
en met veel machtsvertoon tegen de grond. Ze gingen er werkelijk op
liggen zoals je dat weleens in de film ziet. Misschien hadden ze dat
toch met iets minder geweld kunnen oplossen?

Op de
rustpost aldaar te Anderlecht waren er geen toiletten dus zochten we ons
een struik om onze kleine boodschap tegen te doen. De politie was toch
net weg. We kregen als versnapering een halve banaan en een appelkoek.
Water en jenever stonden ons als drank ter beschikking. Tijdens een
lange tocht drink ik echter uit voorzorg geen alcohol, want ik ben niet
zo geoefend als lange afstandswandelaar dat ik hiertegen bestand ben.

Een
beetje verder zagen we in de verte op onze rechterkant een staketmolen.
Deze is mij toevallig bekend omdat ik daar ooit eens op bezoek geweest
ben een 15 jaar geleden. Een toenmalige collega van mij had mij
uitgenodigd om de genaamde Luizenmolen te bezoeken. Zijn nogal vreemde
hobby was molenaartje spelen.

Na 16,6 km kwamen we toe op
de tweede en eerste echte rustpost. Daar konden we ons even neervlijen
op een stoel. En we kwamen toch niet Patrick Kloek tegen zeker? Mij bekend
omdat ik vroeger weleens een wandeltocht liep toen mijn knieën nog niet
versleten waren. Hij is een bekend ultraloper. Enkele weken terug was
hij de eerste 50 plusser op de 100 km loop te Hamme onder bar koude
omstandigheden bij een gevoelstemperatuur van min tien graden! Met
andere woorden het is een beest. Hij nam een foto van mij en mijn
wandelkompaan Klaas en ging weer verder zijn weg.

De tweede rustpost Levensrust genaamd te Lennik, was een sporthal en we kregen een koetjesreep en een grote suikerwafel.

Op
25,2 km arriveerden we aan de Lombeekzaal te Roosdaal. Daar kregen we
een grote koude pastabeker die ik niet volledig binnenkreeg. Hier kregen
we onze rugzak ter beschikking om eventueel van kledij of schoenen te
wisselen.

Net als bij de eerste rustpost moesten we hier een
kwartier tot twintig minuten aanschuiven voor de bedeling. Hierdoor
kwamen we bijna in de laatste bus – zoals men dat zegt – deelnemers
terecht. Het tempo moest dus omhoog en ik nam als snelste stapper van de
twee het heft in handen om Klaas naar een hogere snelheid te voeren. Ik
bracht ons terug naar een groep die iets vroeger dan

ons van het zaaltje vertrokken was. Daar haakten we ons wagonnetje weer aan.

Na
32,5 km kwamen we toe aan zaal De Kasseiheide te Lieferinge Ninove.
Daar werkte ik een boterham met gehakt naar binnen. Het partje
sinaasappel liet ik aan mij voorbijgaan. We besloten nu niet meer te
rusten, want we moesten op schema blijven om voor de eindtijd van 19u
aan te komen in Geraardsbergen.

Na 38,4 km arriveerden we
in het Buurthuis Beukenboom te Nieuwenhove Geraardsbergen. De boterham
met platte kaas en radijzen kon ons wel smaken. Onderweg kwamen we twee
wandelaars tegen met elk een soort bulldog hond. Duvel en Stella
genaamd. We vroegen ons af of zij ook de 50 km tocht aan het stappen
waren. Hun baasjes vertelden ons evenwel dat ze hun honden hadden laten
afleveren aan de rustpost om de laatste 12 km af te werken.

Aan
de laatste rustpost op 44,8 km aan De Helix te Grimminge Geraardsbergen
konden we ons buiten op een terras neervlijen. Met een rijsttaartje en
een stuk ananas konden we weer even aansterken. Ik nuttigde mijn eerste
alcoholconsumptie. Voorzichtigheidshalve beperkte ik mij tot 1 pintje.
We mochten ook niet te overmoedig worden met de eindstreep in zicht. En
het laatste loodje bleek echt wel zwaar te worden. Toch wat het weer
betrof. Op 6 km van het einde begon het ineens pijpenstelen te regenen.
Omdat ik licht gekleed was en het koud begon te krijgen liet ik mijn
kompaan Klaas achter om aan een hogere snelheid richting eindstreep te
wandelen. Mijn Regatta paraplu die ik enkele weken terug in Herne had
gekocht bleek dus toch nog van nut te zijn. Echter door het feit van de
harde regen was het zicht nogal beperkt en liep ik samen met vele
wandelaars een afslag mis. Gelukkig waren er mensen van de streek die
ons snel weer op het juiste pad hielpen.

Na de regen viel er een
prachtige regenboog te bewonderen. De felste die ik al ooit heb gezien,
echt volle kleuren. Vervolgens tegen een goed tempo richting centrum
Geraardsbergen waar de voorbereiding voor de Ronde van Vlaanderen goed
zichtbaar was. Het manneke pis van Geraardsbergen kwam ik dan nog eerst
tegen alvorens de laatste straat voor de finish in te gaan. Die straat
liep een redelijk groot stuk stevig bergop. Maar het ging nog vlot. Ik
kwam dan alleen toe aan het Koetshuis in het Abdijpark te Geraardsbergen
om 18u43 dus nog binnen de tijd.

Daar kregen we dan als beloning
nog een Tongerlo te drinken. Ik wachtte nog even op Klaas die net voor
19u nog binnenliep. Samen nuttigden we dan nog een spaghetti bolognaise
en ik dronk nog een extra Tongerlo.

Beiden zeer moe maar
voldaan was onze lijdensweg echter nog niet teneinde, want we moesten
nog te voet naar het station van Geraardsbergen. Over onze lastige
pendelweg naar huis ga ik niet verder uitweiden. Conclusie : een zeer
mooie wandeltocht doorheen het Pajottenland en de Vlaamse Ardennen die
zeker voor herhaling vatbaar is. Vele mooie vergezichten, maar ook zware
modderige paden. Bij momenten was het schaatsen om recht te blijven. We
zijn weer een ervaring en prestatie rijker. Na een 50 km tocht te
hebben volbracht komt steeds weder de vraag of ik aan een 100 km tocht
zal deelnemen. Maar het antwoord op die vraag is nog steeds neen. Ik
geef er nog steeds de voorkeur aan een wandeling overdag af te werken
zodat je ondertussen van de landschappen kan genieten. Een 60 km tocht
zie ik dus wel goed zitten. Maar 100 km krijg je niet afgewerkt tijdens
het daglicht. En het is natuurlijk ook een stuk langer en lastiger om te
verteren voor het lichaam.